| Beschikbaarheid: | |
|---|---|
| Aantal: | |
Klinisch relevant – Recapituleert menselijke AIHA met auto-antilichaam-gemedieerde hemolyse, bloedarmoede en compenserende beenmergrespons.
Uitgebreide eindpunten – aantal rode bloedcellen, hematocriet (HCT), hemoglobine (HGB) niveaus, anti-RBC auto-antilichaamtiters (ELISA).
Mechanismegestuurd – Vreemde RBC-antigenen reageren kruisreagerend met zelf-erytrocyten, wat de productie van auto-antilichamen en door ADCC gemedieerde vernietiging teweegbrengt.
Translationele waarde – Ideaal voor het testen van immunosuppressiva (corticosteroïden, cyclofosfamide), middelen die de B-cellen afbreken (anti-CD20), complementremmers (anti-C5) en IVIG.
IND-ready datapakketten – Onderzoeken kunnen worden uitgevoerd volgens GLP-principes.
RBC-geïnduceerd AIHA-model in C57BL/6-muizen

• Werkzaamheidstesten van immunosuppressiva (corticosteroïden, cyclofosfamide, mycofenolaat, azathioprine)
• Evaluatie van B-celafbrekende middelen (anti-CD20, anti-CD19) en therapieën die zich richten op plasmacellen
• Testen van complementremmers (anti-C5-, C5aR-antagonisten) en FcRn-blokkers
• Doelvalidatie voor auto-antilichaam-gemedieerde hemolyseroutes
• Farmacologische en toxicologische onderzoeken die IND mogelijk maken
Parameter |
Specificatie |
Soort/stam |
C57BL/6 muis |
Inductiemethode |
Intraperitoneale injectie van RBC's van ratten (2 x 10⁸ cellen), tweemaal per week gedurende 8-12 weken |
Studieduur |
8–14 weken (inductie + behandelfase) |
Belangrijkste eindpunten |
Aantal rode bloedcellen (RBC), hematocriet (HCT), hemoglobine (HGB), anti-RBC auto-antilichaamtiters (ELISA), optioneel: reticulocytentelling, miltgewicht, beenmerganalyse, directe Coombs-test, complementafzetting (C3), cytokineprofilering |
Datapakket |
Ruwe gegevens, analyserapporten, outputs van hematologieanalysatoren, ELISA-resultaten, histologieglaasjes (milt, beenmerg), bio-informatica (optioneel) |
Vraag: Hoe induceert RBC-immunisatie AIHA bij muizen?
A: Herhaalde immunisatie met vreemde (ratten)rode bloedcellen veroorzaakt een immuunrespons tegen erytrocytantigenen. Sommige van deze antilichamen vertonen een kruisreactie met RBC-antigenen van muizen, wat leidt tot de productie van auto-antilichamen en daaropvolgende hemolyse door middel van ADCC, complementactivatie en fagocytose.
Vraag: Wat zijn de belangrijkste overeenkomsten met menselijke AIHA?
A: Het model vertoont bloedarmoede (verminderde RBC, HCT, HGB), verhoogde auto-antilichamen tegen RBC (positieve Coombs-test) en bewijs van immuungemedieerde hemolyse, wat sterk lijkt op menselijke warme AIHA.
Vraag: Kan dit model worden gebruikt voor onderzoeken die de IND mogelijk maken?
EEN: Ja. Studies kunnen worden uitgevoerd in overeenstemming met de GLP-principes voor indieningen bij de regelgevende instanties (FDA, EMA).
Vraag: Biedt u op maat gemaakte onderzoeksprotocollen aan (bijvoorbeeld verschillende RBC-bronnen, immunisatieschema's)?
EEN: Absoluut. Ons wetenschappelijk team stemt inductieprotocollen, behandelschema's en eindpuntanalyses af op uw specifieke kandidaat-geneesmiddel.